Overgangsregeling in Participatiewet moet Wajongers een ‘zachte landing’ bieden

Gehandicapten met een Wajonguitkering worden minder hard getroffen door de nieuwe Participatiewet dan aanvankelijk gevreesd werd door de Tweede Kamer en belangenorganisaties. Uit het vandaag gepubliceerde wetsvoorstel blijkt dat er een overgangsregeling komt voor jonggehandicapten met een uitkering. Wajongers krijgen tweeënhalf jaar de tijd krijgen om aan de nieuwe situatie te wennen.

De Participatiewet voegt de bijstand, sociale werkplaatsen en de Wajong samen. Het kabinet verwacht hiermee een bezuiniging van 1,6 miljard euro te realiseren.

Gemeentes verantwoordelijk

De gemeentes worden verantwoordelijk voor de uitvoering. Wajongers vallen dan niet langer onder het UWV. Jonggehandicapten zullen worden herkeurd en iedereen die niet volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is, moet door de gemeente via een re-integratietraject aan een reguliere baan worden geholpen of zal een bijstandsuitkering krijgen.

Hele inkomen kwijtraken

Zo’n 240.000 mensen in Nederland krijgen een Wajonguitkering. Voor een groot deel van hen betekent de Participatiewet dat zij na herkeuring in de bijstand belanden. Als jongeren nog bij hun ouders wonen die werk hebben of samenwonen met iemand die een salaris heeft, zouden ze hun hele inkomen kunnen kwijtraken.

Gewenningsperiode

In de overgangsregeling staat nu dat Wajongers tweeënhalf jaar de tijd krijgen om aan de nieuwe situatie te wennen. In deze periode ontvangen zij een bijstandsuitkering alsof zij een eenpersoons huishouden voeren. Wajongers die in deeltijd werken met een aanvullende uitkering komen voorlopig niet in de bijstand terecht.

Zachte landing

In de Tweede Kamer was al gevraagd om een ‘zachte landing’ voor jonggehandicapten. Dat kost honderd miljoen euro per jaar.

Lees ook: